Over Ons

Zit Evangelische Gemeente De Brandaris tegenwoordig in een onopvallend oud kerkgebouw in een oude straat? Met een stoffig interieur dat een voorbij verleden oproept? Wie in september 2013 op de Open Dag ter gelegenheid van de opening is geweest, zal zijn ogen hebben uitgekeken.


Het interieur is zelfs genomineerd geweest voor de Rotterdamse Architectuurprijs. Van binnen is er niets dat je nog doet denken aan de Art Deco-architectuur van 1934. Ja toch, een paar dingen. Dat is o.a. de gedenksteen die je tegenkomt als je de drempel bent gepasseerd. Die vermeldt dat de eerste steen werd gelegd op 18 november 1933. Die open dag vond dus plaats bijna 80 jaar na de eerste-steenlegging.

Laten we verder lopen. Je bent gewend om na de vestibule meteen de grote kerkzaal te zien, van grond tot dakconstructie. Niet meer dus, want in plaats van de begane grond met de bekende galerij (waar in veel kerken vroeger de jeugd zat) is de enorme ruimte nu vervangen door drie betonnen vloeren, die elk hun functie hebben gekregen. Waar je binnenkomt is dat de foyer. Na de dienst is het hier een drukte van belang omdat daar een paar honderd mensen koffie (of thee) drinken. In de garderobe kun je je jas kwijt. Zo'n enorme leegte was niet te verwarmen. En dat, ondanks het gigantische woud van dikke CV-buizen (meer dan 500 meter) dat onder de grond zat. Duurzaam en milieuvriendelijk waren termen die nog moesten worden uitgevonden. Wie nog even naar het hypermoderne toilet wil kan kiezen: rechts dames, links heren. De toiletgroepen zijn meegenomen uit het Albeda-College, dat in Schiebroek zat. De Brandaris heeft daar meer dan 20 jaar kerk gehouden in de aula van de school. Rechtuit zie je de koffiebar met rolluiken; erachter een professionele restaurantkeuken. Alles is van aluminium, RVS en kunststof. Het plafond is zonder opsmuk; het staal waarop het beton is gegoten geeft een prachtig perspectief. De wanden zijn van onbehandeld hout, en de vloer is gewoon het kale beton, maar… door de impregnering heeft die de allure van linoleum gekregen.

Laten we verder lopen. Als we kiezen voor de deur links naast de bar, dan zien we nog een restant dat herinnert aan voorbije tijden. Dat is een glas-in-loodraam van de Christelijk Gereformeerde Kerk die hier tot 2009 diensten hield. Het raam vermeldt het jaartal 1951. In dat jaar had de CGK een 25-jarig jubileum te vieren. Reeds in 1926 was dit kerkgenootschap gevestigd in de Schoonderloostraat, in een eenvoudig pandje.

Nu gaan we een trap af. Hier zien we nog een paar bakstenen muren die hetzelfde zijn gebleven. Nooit over kerkbanken gelopen? Nu dus wel, want alle trappen zijn bekleed met het eikenhout van de kerkbanken. Beneden zien we een lange gang met aan de linkerkant de lokalen waar de kinderen hun domein hebben, waar veel schoolmeubelen staan en ook veel speelgoed. Ook worden hier cursussen voor volwassenen gegeven. Van het buizenwoud van de oude CV is niets meer te zien. Overal zit vloerverwarming en de ventilatie wordt aangedreven door een warmtewiel, een nieuwe vinding, waardoor het mogelijk is om drie verdiepingen te verwarmen met dezelfde bescheiden ketel waar vroeger de grote ruimte mee werd verwarmd; alleen nu zuiniger en efficiënter.

Lopen we rond dan passeren we vijf lokalen en staan we voor een lift. Laten we die nemen. We worden op de derde verdieping afgeleverd bij de grote kerkzaal. Nu is goed te zien hoe het concept in elkaar steekt: drie betonlagen met een gigantische houten doos vullen de ruimte tussen muren en dak. Het is een doos-in-doos-constructie. Boven ons hoofd zien we nog wat van de oude dakbalken. De gangmuren zijn neutraal grijs. De hoge kerkramen zijn deels bedekt met lexan ter bescherming. Halverwege de gang waar de trap eindigt steekt de kerkzaal uit en door het glas zien we de felle kleuren van de stoelen. We drukken een loodzware deur open om in de kerkzaal te komen. Speelt de band? Op het podium staan twee gitaristen, een drummer, een pianist, een saxofonist en drie zangers, die nummers uit de Opwekkingsbundel aan het oefenen zijn. Daar is die zware deur nou voor bedoeld: het is een soort bioscoopdeur, die alle geluid tegenhoudt. De muren bestaan uit meerdere lagen en isoleren alle geluid. Dit alles is nodig om geen geluid naar buiten te laten lekken. Dat moet tegenwoordig om de benodigde vergunningen te krijgen… ook al produceerde het kerkorgel meer decibellen. En dat heeft dus zijn stempel gedrukt op de architectuur.

Hier houdt Evangelische Gemeente De Brandaris kerkdiensten. Kijk eens om je heen. Een regenboog in het kwadraat door de kleurige rijen stoelen, 444 stuks. De achterwand van het podium is van zwarte latten op akoestisch materiaal, muren en dak zijn één geheel door het naturel hout. En overal zit high-tec: beamers, theaterlampen, mengpanelen, internet, you name it. Aan alle hedendaagse eisen is tegemoet gekomen. Op het balkon tegenover het podium wordt alles centraal geregeld. Daar zitten de techneuten.

Je zou bijna vergeten waar het hier om gaat. Maar het Brandaris-logo op het zwarte kathedertje zegt het in een paar woorden: "Jezus kennen en gehoorzamen." Waarom? Omdat je, als je de Bijbel leest, ontdekt dat Hij het goede, nee, het allerbeste met jou voorheeft. Los van oude dogma's, los van stoffige kerkregels. Je mag het zelf ontdekken. Voordat ik dat begon te doen was het leven saai. Nu is het spannend, geloof het of niet. Dàt is pas een ontdekking.